Voorbeeld analyse klachten en risicoinventarisatie onderzoek (KRIO)

 

 

 

 

 

>

snel onderzoek en gerichte interventie

>

in RSI gespecialiseerde medewerkers

>

(para) medisch netwerk

>

Goede zorg hoeft niet duur te zijn





Rapportage: RSI klachten en risico-inventarisatie onderzoek

Datum onderzoek: 21-12-2004
Naam: xxx
Bedrijf: xxxx
Adviesdatum evaluatie: over 3 maanden


    A.  Uitleg klachten en risico-inventarisatie onderzoek 

     B.  Kleuren evaluatie 

     C.  Uitslag klachten en risico-inventarisatie onderzoek

 

     D. Bijlage
          
o   Brochure: "werkplek, werkhouding en werktechniek"
           o   Adviezen en oefeningen

 

 

 

 

 

o

 

Klachteninventarisatie

 

 

1.

Fysieke klachten

 

 

2.

Pijn klachten

 

 

3.

Mentale klachten

 

 

 

    a. Gedachten en gevoelens

 

 

 

    b. Lichamelijke reacties

 

 

 

    c. Gedragingen

 

 

 

 

 

o

 

Risicoinventarisatie

 

 

4.

Ergonomische risicofactoren

 

 

5.

Bedrijfsorganisatorische risicofactoren

 

 

6.

Persoonlijke fysieke risicofactoren

 

 

7.

Persoonlijke psychosociale risicofactoren

 

 

 

 

 

o

 

Fasering RSI

 

 

8.

Ernst fasering RSI


      

A.       Uitleg klachten en risico-inventarisatie onderzoek

Met behulp van het KRIO worden de fysieke en mentale klachten die met RSI geassocieerd zijn onderzocht. Bovendien worden de taak en persoonsgebonden risicofactoren voor RSI geanalyseerd. Het is van groot belang om te weten wat voor soort klachten iemand heeft en wat de risico's van het ontstaan of het onderhouden van de klachten zijn. Alleen als hier duidelijkheid over is kan er een gerichte interventie gegeven worden.

Het KRIO bestaat uit 8 vragenlijsten:

3 vragenlijsten betreffende de RSI klachten (1 t/m 3)

 

4 vragenlijsten betreffende de RSI risicofactoren (4 t/m7)

 

1 vragenlijst betreffende de RSI fasering (8)


In de klachtenvragenlijst komen de klachten/symptomen die kunnen horen bij een arbeidsgerelateerde klacht als RSI aan bod. Het gaat hierbij om fysieke, pijn en mentale klachten.

In de risicofactorenvragenlijst komen alle taak- en persoonsgebonden risicofactoren voor RSI aan bod. Onder de taakgebonden risicofactoren verstaat het RIN de bedrijfsorganisatorische- en de ergonomische risicofactoren. Onder de persoonsgebonden risicofactoren worden de fysieke- en mentale (psychosociale) risicofactoren verstaan. Psychosociale arbeidsgebonden factoren leiden op zichzelf niet tot RSI-klachten maar kunnen in combinatie met fysieke factoren er aan bijdragen. Te weinig hersteltijd, psychische belasting (hoge werkdruk, hoge werkstress, hoog werktempo, werk met hoge mentale eisen) en geringe sociale ondersteuning (relatie met collega's, hoger geplaatsten en management) zijn hiervoor vaak verantwoordelijk. Alle groepen risicofactoren zijn weer onderverdeeld in sub-items. Op deze wijze vind er een complete inventarisatie plaats van alle mogelijke oorzaken voor het doen ontstaan ofwel het onderhouden van RSI-gerelateerde klachten.




B.       Kleuren evaluatie
Alle mogelijke oorzaken voor het ontstaan cq. onderhouden van de klacht (RSI) zijn in een kleurenevaluatie (zie B) weergegeven. De groene kleur houdt in dat er geen klachten en/of risicofactoren zijn. Rood wil zeggen dat er een grote kans is dat er wel klachten en/of risico factoren aanwezig zijn. Aan deze rode items dient aandacht geschonken te worden. Het oranje is een overgangsgebied. Alleen de rode items zijn voor u persoonlijk van belang. Bij ieder rood item wordt nadere uitleg en een gericht advies gegeven. Probeer deze zo goed als mogelijk te implementeren in uw werk- en thuissituatie.

 

Kleurenevaluatie RSI-onderzoek door RIN

www.3rin.nl

 

 

Datum onderzoek

 

Naam

 

Leeftijd

 

Afdeling

 

Telefoonnummer

 

E-mail

 

Aantal werkuren

 

 

 

Hoofdstuk 1: klachteninventarisatie

 

 

 

1.    Fysieke klachten

45,0

 

 

2.    Pijnklachten

35,0

 

 

3.   Mentale klachten

 

3a. Gedachte en gevoelens

36,0

3b. Lichamelijke reakties

46,0

3c. Gedragingen

42,0

 

 

Hoofdstuk 2: risicoinventarisatie

 

 

 

4.   Ergonomische risicofactoren

 

Instelling werkplek

2,0

Stoel

4,0

Bureau

1,0

Beeldscherm

1,0

Muis

2,0

Toetsenbord

0,0

Menutablet

0,0

Stuurknuppel en rolbal

0,0

Reflectie

0,0

Omgevingsfactoren

0,0

 

 

5. Bedrijfsorganisatorische Risicofactoren

 

Tempo

3,0

Piekbelasting

9,0

Moeilijkheid

7,0

Zwaarte

5,0

Hoeveelheid

7,0

Afwisseling

3,0

Eigen inbreng

3,0

Waardering

3,0

Functie duidelijkheid

4,0

Verantwoordelijkheid

5,0

Werkrelatie chef

8,0

Werkrelatie collegae

4,0

Toekomstverwachting

7,0

 

 

6. Persoonlijke fysieke risicofactoren

 

Thuis belasting

4,0

Werk belasting

16,0

Laptop belasting

0,0

Wervelkolom belasting

3,0

Schouder belasting

7,0

Pols belasting

7,0

Oog belasting

9,0

Extra belasting

7,0

Pauzebeleid

4,0

Hulpmiddelen

2,0

Fysieke belastbaarheid

7,0

Lichaamsbeweging

3,0

Telefoon/PC belasting

3,0

 

 

7. Persoonlijke psychosoc.risicofactoren

 

Overbelasting

8,0

Onderbelasting

9,0

Mentale werkbelasting

4,0

Persoonlijke invloeden

15,0

RSI profiel

6,0

Betrokkenheid werk

6,0

Bezorgdheid werknemer

7,0

Gevoelservaring mentaal

2,0

Gevoelservaring fysiek

2,0

Werkstressoren

8,0

Energiebronnen

17,0

Thuisstressoren

5,0

 

 

Hoofdstuk 3: fasering RSI

 

Ernst fasering RSI

18,0

 

 




C. Uitslag klachten en risico-inventarisatie onderzoek

Fysieke-, pijn- en mentale klachten onderzoek (vragenlijst 1 t/m 3)

1.   Fysieke klachten: bijvoorbeeld armpijn, hoofdpijn, tintelingen in de hand, een vermoeide of zware arm en krachtverlies.

Uw score is: rood; er is een grote hoeveelheid aan fysieke klachten aanwezig

Advies: Een specifiek RSI onderzoek is noodzakelijk. Hiervoor kunt u contact  opnemen met een in RSI gespecialiseerde fysiotherapeut of met een manueel therapeut van het RIN.

Tevens bestaat er de mogelijkheid om bij het RIN een RSI-consult aan te vragen. De kosten hiervan bedragen € 50 per 30 minuten. De huidige situatie wordt met u doorgenomen en een vervolgplan inclusief opbouw van (werk) belasting wordt op uw persoonlijke situatie afgestemd.

Voor meer informatie zie www.3rin.nl

 

2.         Pijnklachten: bijvoorbeeld: lokale pijn of uitstralende pijn;  in rust aanwezige pijn of alleen pijn    

tijdens belasten.


Uw score is: rood; er is een grote hoeveelheid aan pijnklachten aanwezig

Advies: Een specifiek RSI onderzoek is noodzakelijk. Hiervoor kunt u contact  opnemen met een in RSI gespecialiseerde fysiotherapeut of met een manueel therapeut van het RIN.

Tevens bestaat er de mogelijkheid om bij het RIN een RSI-consult aan te vragen. De kosten hiervan bedragen € 50 per 30 minuten. De huidige situatie wordt met u doorgenomen en een vervolgplan inclusief opbouw van (werk) belasting wordt op uw persoonlijke situatie afgestemd.

Voor meer informatie zie www.3rin.nl

 

3.             Mentale klachten: bijvoorbeeld: slaapproblemen, concentratiestoornissen, gespannenheid en prikkelbaarheid.

Algemeen advies: Indien u een rode score heeft bij 1 of meerdere mentale klachtenvragenlijsten, is het wenselijk om de aanvullende curatieve vragenlijsten in te vullen. Op deze manier krijgt u een beter inzicht in hoe u met de klacht omgaat en welke veranderingen noodzakelijk zijn. U kunt deze aanvullende vragenlijsten bij het RIN  aanvragen via info@3rin.nl .

De kosten voor dit onderzoek bedragen € 20. U ontvangt de analyse binnen 1 week per email.

 


Gedachten en gevoelens : bv. onzeker gevoel, rusteloos, nerveuzer, snel geďrriteerd, snel overbezorgd.

Uw score is: rood: sterk veranderde gedachten en gevoelens door mentale stress

U heeft het mentaal moeilijk; Het is verstandig om de aanvullende vragenlijsten in te vullen zodat we een goed beeld van uw probleem krijgen en u gericht kunnen behandelen of doorverwijzen.

Voor meer informatie zie www.3RIN.nl 



(lichamelijke) reacties : bv. hoofdpijn, spierspanningen, droge mond, droge handen, slaapstoornissen

Uw score is: rood; sterk verhoogde lichamelijk reacties door mentale stress

Het is verstandig om de aanvullende vragenlijsten in te vullen zodat we een goed beeld van uw probleem krijgen en u gericht kunnen behandelen of doorverwijzen.

Voor meer informatie zie www.3RIN.nl 

.

 

 



Gedragingen : bv. terugtrekken, mopperen, piekeren, klagen, veranderd eetpatroon

Uw score is: rood: sterk veranderde gedragingen door mentale stress

Het is verstandig om de aanvullende vragenlijsten in te vullen zodat we een goed beeld van uw probleem krijgen en u gericht kunnen behandelen of doorverwijzen.

Voor meer informatie zie www.3RIN.nl 

 

 

 

4                 Ergonomische risicofactoren

 

Inleiding      

Indien er ergonomische risicofactoren aanwezig zijn dan kunt u deze oplossen met behulp van onderstaande informatie. Heeft u hulp nodig dan kunt u de ARBO deskundige inschakelen of u kunt gebruik maken van het RIN.

Het RIN biedt u 2 mogelijkheden:

1. Een analyse van de werkplek met behulp van digitale foto’s. De kosten hiervoor bedragen € 70.

2. Een compleet werkplekonderzoek: analyse werkplek, analyse werkhouding en werktechniek  

    De kosten voor dit werkplekonderzoek bedragen € 275 inclusief rapportage (excl. btw en reiskosten).

 

Voor meer informatie zie onze website www.3rin.nl

 

Stel u scoort rood op de onderdelen “instelling werkplek”, “stoel” en “muis”. Deze drie onderwerpen worden dan als volgt toegelicht:


Instellen werkplek;
Een doorsnee beeldschermwerkplek omvat de volgende onderdelen: bureau, stoel, beeldscherm, toetsenbord en muis. Mogelijk wordt er gebruik gemaakt van andere aanwijsmiddelen en hulpmiddelen. Het instrumentarium waarmee gewerkt wordt moet voldoen aan bepaalde standaard eisen. Daarnaast moet de opstelling zodanig zijn dat de individuele werknemer een optimale werkhouding kan aannemen. Er dient gestreefd te worden naar gunstige kijkhoeken, korte reikwijdtes en neutrale gewrichtstanden zodat overmatige belasting vermeden wordt.

In 50% van de gevallen is de opstelling wel correct maar de persoonlijke werkplek instelling niet.  Zo kan er binnen een groep mensen met dezelfde gemiddelde lengte sterke verschillen in de individuele afmetingen van de romp en de verhoudingen van de ledematen voorkomen. Pas de werkomgeving aan u zelf aan in plaats van andersom.

Ergonomie is  maatwerk, geen normwerk. Houdt rekening met het feit dat ondoordachte interventies juist tot (andere) klachten kunnen leiden.  Raadpleeg een deskundige voordat u veranderingen aan gaat brengen.

 

 

Stoel;  De stoel moet tenminste voldoen aan de NEN-EN 1335-1 type A norm (voorheen NEN 1812 H(R)AV) en comfortabel zitten.

Hij moet gas geveerd zijn, draaibaar zijn en 5 poten hebben.

De stoel moet in hoogte instelbaar zijn tussen de 40-52 cm, de zitdiepte moet instelbaar zijn van minimaal 40 cm tot 44 cm. De rugleuning moet minimaal 37 cm zijn en de bolling moet passen in de holte van de lage rug. De hoogte van deze bolling moet instelbaar zijn tussen 17 en 22 cm. De armleuning moet instelbaar zijn tussen de 20 en 25 cm. De afstand tussen de armleuningen bedraagt 46 tot 51 cm. De voorkeur geniet een stoel waarbij de armleuningen ook in de breedte instelbaar zijn tussen 38 en 52 cm.  Vaste armsteunen zijn voor beeldschermwerk niet geschikt. Een stoel met een instelbaar synchroon-mechanisme (actieve zitmogelijkheid) maakt het zittend werk dynamischer. Let er op dat het kantelmechanisme ook uitgeschakeld kan worden indien gewenst.

Helaas biedt een goede ergonomie niet de garantie dat er geen klachten kunnen ontstaan.

Probeer een stoel ook altijd een paar weken uit voordat U tot aanschaf overgaat.

Gebruik een voetensteun indien de voeten niet stabiel op de grond geplaatst kunnen worden (kleinere mensen).



 



Muis;
Bij voorkeur moet een muis neutraal van vorm, gemakkelijk in de hand liggen zijn en niet hoger zijn dan 4 cm. Hij mag geen haperingen vertonen en moet overal te plaatsen te zijn. Een optische (draadloze) muis geniet de voorkeur. Stel de muissnelheid goed naar eigen voorkeur in (10-20 cm per beweging).Muizen zijn er in verschillende maten en soorten en dienen individueel aangemeten te worden.Voor linkshandige beeldschermwerkers is het advies om ook een linkshandige muis te gebruiken.

Top 10 sneltoetsen
1 . Enter Activeer onderdeel of geselecteerde knop
2 . Esc Annuleren (menu's, dialoogvenster etc)
3 . Alt + F4 Venster sluiten/programma sluiten
4 . Windowstoets Open Startmenu
5 . Alt+Tab Wissel tussen actieve programma's
6 . Alt+letter Activeer menu onderstreepte letter)
7 . Ctrl + A/C/V Alles selecteren/kopiëren/plakken
8 . Ctrl+P Afdrukken
9 . Ctrl+B/I/U Vet/Cursief/Onderstrepen
10 Ctlr+S Opslaan 

Heeft u geen optische muis zorg dan voor een goede, niet stroeve muismat en maak regelmatig het kogeltje van de muis schoon.

Er zijn veel verschillende “ergonomische” muizen in omloop. Het RIN adviseert om bij aanschaf vooraf deskundig advies in te winnen en niet zomaar af te wijken van de standaard muis. Verandering van polsstand kan leiden tot (andere) klachten.

 

 

5        Bedrijfsorganisatorische risicofactoren 

 

Inleiding

Klachten zijn vaak terug te voeren op een disbalans tussen de belasting ( de krachten die op het lichaam inwerken; draaglast) en de belastbaarheid ( de sterkte van het lichaam; draagkracht). We praten hierbij zowel over fysieke als  over mentale belasting en belastbaarheid. De belastbaarheid mag niet langdurig overschreden worden door de belasting.

Een te hoge mentale belasting bijvoorbeeld door: te hoge werkdruk, te moeilijk werk, jaagsystemen, slechte support en deadlines, of een te hoge fysieke belasting door te zwaar werk, teveel werk, werken met een slechte houding kunnen leiden tot overbelasting. Naast een te hoge belasting kan ook een verminderde belastbaarheid ten gevolge van ziekte, stress, slechte conditie etc., sneller leiden tot klachten. Een verminderde belastbaarheid leidt eerder tot overbelasting. Bedrijfsorganisatorische risico’s dienen geminimaliseerd te worden zodat de werkbelasting zo laag mogelijk is; de belastbaarheid van de werknemer moet optimaal zijn en dient zonodig getraind te worden. Op deze manier komt de balans van belasting en belastbaarheid weer in evenwicht. 

 

Indien u 1 of meerdere items van het onderdeel “bedrijfsorganisatorische risicofactoren” rood scoort is het zinvol in contact te treden met uw collegae en/of uw leidinggevende om de geanalyseerde problematiek door te spreken en naar oplossingen te zoeken . Een afspraak maken met een RIN medewerker behoort ook tot de mogelijkheden.  Wij zoeken dan samen met u en uw werkgever naar een oplossing. De afspraak kan gemaakt worden via info@3rin.nl

Voor meer informatie zie onze website www.3rin.nl

 

Algemene adviezen: blijf de baas over het werk; werk met tijdbeheersing (activiteiten planning met reële haalbare doelen); zorg voor voldoende ontspanningsmomenten (op het werk maar ook thuis); investeer in een plezierige werksfeer; wees niet verantwoordelijk voor de hele afdeling; denk niet  zwart-wit maar zoek actief naar een oplossing. We weten dat het mooie kreten zijn maar probeer ze toch in te passen in uw situatie.

Wanneer u vaak in uw werk wordt onderbroken door collegae of telefoontjes probeer deze dan op bepaalde momenten van de dag “op te vangen” door bijvoorbeeld een briefje op de deur te hangen. Maak eventueel afspraken met uw kamergenoten over een telefoneerlocatie of tijdstip als er veel hinderlijke telefoontjes gevoerd moeten worden.

Maak de problemen bespreekbaar met uw leidinggevende.

 


Stel u scoort rood op de onderdelen “piekbelasting” en ”werkrelatie chef”; deze items worden dan verder besproken:

Piekbelasting; Piekbelasting wil zeggen dat er  momenten zijn waarin extra hard gewerkt moet worden. Bijvoorbeeld wanneer er collegae afwezig zijn (vakantie, ziekte ed.) of wanneer er deadlines gehaald moeten worden. Wanneer een piekbelasting wordt gevolgd door een periode van herstel zullen er weinig problemen zijn. Overbelasting treedt vooral op bij relatief korte (enkele maanden) maar hoge belasting. De oorzaak van het probleem moet snel herkend erkend en opgelost worden.
 
Werkrelatie chef: Momenteel is u werkrelatie met de chef niet optimaal. Een langdurige matige werkrelatie kan indirect bijdragen tot het doen ontstaan of onderhouden van RSI klachten. Veel druk en stress in ons leven wordt veroorzaakt door de manier waarop we met elkaar omgaan. De manier waarop we de uitingen van anderen interpreteren en hierop reageren is mede bepalend voor onze emotionele gezondheid. De reacties worden ongezond wanneer we niet los kunnen komen van gefrustreerde emoties. Innerlijke onzekerheid, onredelijke verwachtingen, “incompatibilite d’humeurs”, en machtsverhoudingen zijn vaak de oorzaak van omgangsproblemen op het werk. Nog belangrijker is de tegenzin, vaak onbewust, die mensen voor elkaar koesteren terwijl ze toch gedwongen zijn om met elkaar om te gaan. Het lichaam ervaart die gevoelens als bedreiging en reageert met spierspanningen en een hogere en snellere ademhaling. 

Uit wetenschappelijk onderzoek is komen vast te staan dat mensen die te maken hebben met conflicten op het werk en weinig werkplezier hebben, 2 tot 2,5 maal zoveel lichamelijke klachten hebben dan mensen die wel met plezier naar hun werk gaan en geen conflicten hebben.

Tips:

1. Mochten ze bij u op het werk zich weer voortdoen bespreek ze en probeer ze op te lossen.

2. Praat regelmatig met de directe chef over wederzijdse verwachtingen en omgangsvormen. Zijn deze

    realistisch en redelijk. Doorbreek de cirkel van onredelijke oordelen en vooroordelen. Praten helpt  

    niet altijd maar vaak wel.

3. Probeer de situatie eens vanuit de ander te bekijken en vraag uzelf af wat het is wat de ander irriteert in het gedrag.

4. Volg een training die gericht is op persoonlijke effectiviteit. Regelmatig zijn er work-shops

    stresspreventie te volgen.

5. Bij communicatieproblemen binnen het bedrijf kan praten met een bedrijfsmaatschappelijke adviseur helpen.

6. Het is ongezond om emoties langdurig te verbergen; wees duidelijk in wat u wilt en wat u dwars zit.

 

 



6        Persoonlijke fysieke risicofactoren     

 

Indien er persoonlijke fysieke risicofactoren aanwezig zijn dan kunt u deze oplossen met behulp van onderstaande informatie. Heeft u hulp nodig dan kunt u de ARBO deskundige inschakelen of u kunt gebruik maken van het RIN. Zijn er zowel persoonlijke fysieke risicofactoren en ergonomische risicofactoren aanwezig dan is een compleet fysiek en werkplekonderzoek, verricht door een medewerker van het RIN, zinvol.

 

Het RIN biedt u de volgende mogelijkheden:

1. Een analyse van de werkplek met behulp van digitale foto’s. De kosten hiervoor bedragen € 70.

2. Een compleet werkplekonderzoek: analyse werkplek, analyse werkhouding en werktechniek  

    De kosten voor dit werkplekonderzoek bedragen € 275 inclusief rapportage (excl. btw en reiskosten).

3. RSI Manueel therapeutisch onderzoek (€ 135,-, inclusief rapport)

4. het RSI totaal programma

   

meer informatie zie onze website www.3rin.nl onder het hoofdstuk particulier

 

Stel u scoort rood op de onderdelen “werkbelasting”, “oogbelasting”en ”thuissituatie”; deze items worden dan verder besproken:


Werkbelasting; Langdurige PC-arbeid leidt tot een langdurig aanhouden van een statische (zit)houding en vele repeterende bewegingen (muizen, toetsen). Als men dit lang uitvoert en geen of weinig pauzes cq. afwisseling heeft, kan dit leiden tot overbelasting van nek, rug en armstructuren.

Uit onderzoek blijkt dat na 3 uur typen de vermoeidheid significant toeneemt en de prestaties verslechteren.

Wanneer er pas na 3 uur typen wordt gerust houden de vermoeidheid en verminderde prestaties nog 40 minuten aan.

Variatie in houding (regelmatig opstaan en verzitten) en beweging (uitvoeren van andere  handelingen als bellen, kopiëren, overleggen) en een goed pauzebeleid zijn dan ook van essentieel belang.

 

Een ontspannen ademhaling is de belangrijkste sleutel tot ontspannen leven en werken. Mensen die met computers werken hebben de neiging om oppervlakkig, snel en onregelmatig te ademen. Dit is meestal een hoge borstademhaling zonder een waarneembare beweging van de buik. Als deze ademhaling lang wordt aangehouden kunnen met RSI-geassocieerde klachten optreden als licht in het hoofd en gespannen nekspieren.

Enkele adviezen: wissel regelmatig zittend werk af met staand werk, plaats de printer niet binnen hand bereik maar zorg dat je op moet staan, neem de trap i.p.v de lift, varieer zoveel mogelijk je werk en de daar aangekoppelde houding en neem niet een hele dag (of dagdeel) dezelfde houding aan.

 



Thuissituatie
; Naast de statisch houding en de repeterende bewegingen op het werk is het goed mogelijk dat u ook thuis dezelfde houding inneemt en dezelfde bewegingen uitvoert. U neemt namelijk nagenoeg dezelfde houding aan als u PC-arbeid verricht (werk, chatten, internetten, etc) als bij autorijden of zitten (lezen, TV kijken). Bij deze activiteiten is er meestal geen sprake van een rechte houding. De bolle houding waarbij het hoofd naar voren staat en de rug bol is, is erg belastend voor de nek en schouderspieren maar ook voor de lage rug. Naarmate u langer in deze houding verblijft, is het risico op klachten groter.

Bij het lezen is het beter om het boek niet vast te houden maar op de tafel of op uw schoot te leggen. Zorg ervoor dat u uw hoofd niet teveel naar beneden houdt (gebruik een standaard  of documenthouder).

Tevens kunnen bepaalde sportinspanningen de klachten (die zijn opgelopen op het werk) onderhouden of zelfs verergeren. Alleen aanpassing van de belasting op het werk is dan niet voldoende en u dient thuis ook de belasting aan te passen. Sporten is in het algemeen goed, maar doe het op een verantwoorde wijze. Raadpleeg een deskundige.

 

 

 

Oogbelasting; Neem de gecorrigeerde werkhouding aan. Plaats nu het beeldscherm op de juiste afstand ( 15 inch beeldscherm staat op 55-75 cm van de ogen, 17 inch=60-85 cm, 19 inch 70-95 cm en 21 inch 75-105 cm). U moet ervoor zorgen dat u de tekens op het beeldscherm goed kunt zien vanuit de gecorrigeerde werkhouding.

Stel het beeldscherm goed in; gebruik donkere tekens op en lichte achtergrond. Vermijd reflectie op het beeldscherm door het beeldscherm haaks op de lichtbron te plaatsen (daglicht, verlichting) en op 2 meter afstand van de lichtbron. Controleer reflectie met het beeldscherm uit. Ziet u nog reflectie dan moet u een beetje gaan schuiven of kantelen met het scherm.

Bij onvoldoende gezichtsvermogen wordt het hoofd vaak automatisch dichter naar het beeldscherm bewogen. De spieren van de nek en het gezicht worden dan extra aangespannen en de ademhaling wordt oppervlakkiger. Voor mensen met een leesbril (+ glazen) is een beeldschermbril i.v.m de focusafstand dan ook wenselijk. Mensen met een bifocale bril (-boven en + onder) lopen het meest risico op het krijgen van klachten.

Bij een beeldschermbril zijn de glazen zo geslepen dat teksten op normale leesafstand (30-35 cm), goed gelezen kunnen worden en dat tekens op het beeldscherm ( > 60 cm) goed gelezen kunnen worden.

Werkgevers dienen de beeldschermwerker de gelegenheid te geven een oogonderzoek te ondergaan en indien nodig een beeldschermbril te verstrekken.

Tijdens het beeldschermwerk wordt er veel minder met de ogen geknipperd. Hierdoor worden de ogen minder vochtig en ontstaan er sneller oogklachten (droge, branderige ogen). Japans onderzoek toonde aan dat de knipperfrequentie van de ogen afnam van 22 maal knipperen per minuut (normaal) tot 7 maal knipperen per minuut tijdens beeldschermwerk.

Oefeningen ogen:

1.      Knipper aan het eind van iedere zin of na iedere muisklik. Knipper een paar keer met de ogen tijdens de micropauze.

2.      Kijk elke 10 minuten in de verte en ontspan zo de oogspier.

3.      Beweeg de ogen in alle posities en draai een paar maal met de ogen linksom en rechtsom

 



7.       Persoonlijke psychosociale risicofactoren

Inleiding

Indien u 1 of meerdere persoonlijke psychosociale risicofactoren rood scoort en rood scoort bij lijst 3 (mentale klachten inventarisatielijst), adviseren wij u om de aanvullende curatieve vragenlijsten in te vullen. Uit deze aanvullende lijsten krijgen we inzicht hoe u met uw klachten omgaat en op welke wijze de klacht het best aangepakt kan worden. De kosten hiervoor bedragen € 20 en de lijsten zijn te verkrijgen via onze website www.3rin.nl.

 

 

Stel u scoort rood op de onderdelen “Onderbelasting kennis / ervaring / vaardigheid” en “persoonlijke invloeden”; deze items worden dan verder besproken:



Onderbelasting kennis / ervaring / vaardigheid; U werkt op dit moment onder uw niveau. Het is gebleken dat mensen die onder hun niveau werken, het werk saai, monotoon en vervelend vinden, meer kans hebben om uit te vallen. Taken met weinig regelmogelijkheden en taken die erg eenvoudig of juist erg moeilijk zijn veroorzaken sneller stress. Overleg dit met uw chef. Maak het bespreekbaar en onderzoek of het werk aan te passen is door taken toe te voegen, te rouleren met collegae enz..


Persoonlijke invloeden; Waarom krijgt de ene persoon wel klachten en de andere persoon niet?

Afhankelijk van de persoonlijke eigenschappen krijgt de ene persoon makkelijker klachten dan de andere persoon. Eigenschappen als; mindere stressbestendigheid, niet goed tegen kritiek kunnen, perfectionistisch zijn, weinig werkplezier hebben, moeilijk het werk van u af kunnen zetten, angst enz. bepalen de kans op uitval (ziekteverzuim).

Aangezien u op dit item een rode score heeft betekent dat, dat u een aantal van deze eigenschappen bezit.  Daarnaast wordt veel van de extra druk op het werk veroorzaakt door de hoge eisen die mensen, bewust of onbewust, aan zichzelf stellen. Probeer te achterhalen aan welke persoonlijke risicofactoren u bloot staat en probeer deze te veranderen. Praat erover met iemand die u vertrouwen kan. Een dergelijke vertrouwenspersoon is instaat om de problematiek afstandelijker te bekijken en kan u objectiever  adviseren.

 

Mogelijkheden om zelfdruk te herkennen en te verminderen:

1.    Houd een dagboek bij van uw gedragingen bij uw werktaken. Ga bijvoorbeeld na hoe u zich       voelt en hoe u zich opstelt bij het uitoefenen van bepaalde taken; Zijn bepaalde      werkzaamheden of bepaalde personen de reden van irritatie?.

2.    Maak een lijst van taken waar aan u plezier beleeft en van taken die u “moet” doen. Doe elke dag 1 plezierige taak meer en 1 taak die “moet” minder. Een andere manier is nagaan wat de energiebronnen en energie lekken zijn. Ontwikkel een strategie om de energiebronnen te vergroten en de energielekkages te beperken.

3.     Accepteer dat iedereen (ook u) fouten maakt.

4.     Ga na of u regelmatig afstand van het werk neemt door pauzes in te lassen.

 

8.       RSI Faseringsvragenlijst

Ernst fasering RSI

De klachten ontstaan meestal geleidelijk en worden in 3 fasen ingedeeld:

 

       Fase 1. Lichte pijn en/of lokale vermoeidheid, kramp, tintelingen, doof gevoel, zwaar gevoel 

                   optredend tijdens langdurige belasting. De klachten verdwijnen na enige rust.

       Fase 2. De klachten worden heviger en treden eerder op tijdens het belasten. De klachten

                   blijven langer aanwezig, zelfs na het stoppen van de belastende bezigheden. De

                   relatie tussen inspanning en klachten wordt minder duidelijk. Ook bij de activiteiten

                   van het dagelijks leven treden de klachten op. De klachten breiden zich uit en zijn

                   minder nauwkeurig te lokaliseren.

       Fase 3. Continue pijn die tijdens belasting verergert. 's Nachts wordt de patiënt soms wakker

                   van de pijn. Alle dagelijkse werkzaamheden zijn nauwelijks uitvoerbaar zonder pijn.

 

Stel u scoort rood wat wil zeggen dat u veel klachten heeft. Bespreek deze zo spoedig mogelijk met een deskundige (bedrijfsarts), of maak een afspraak met een medewerker van het RIN. Voor meer informatie zie www.3RIN.nl






D.       Bijlage

           1 - Brochure: "werkplek, werkhouding en werktechniek" (zie hieronder)
           2 - Adviezen en oefeningen








           1            Brochure: "werkplek, werkhouding en werktechniek"


Werkhouding, werkplek, werktechniek en pauzes bij beeldschermwerk

Werkplek
De stoel moet comfortabel zitten en zo instelbaar zijn dat de zithouding, zoals beschreven onder kopje werkhouding, ingenomen kan worden. Belangrijk zijn de volgende kenmerken: de zithoogte moet op kniekuil hoogte worden ingesteld. Indien nodig kunt u gebruik maken van een voetenbankje. Voor de juiste zitdiepte moet er een vuist brede ruimte overblijven tussen de zitting van de stoel en de knieholte om afknelling van bloedvat en zenuw in de knieholte te voorkomen. De kanteling van de zitting van de stoel kan licht voorover zijn wat een betere strekking van de wervelkolom tot gevolg heeft maar ook meer onderuit glijden tot gevolg kan hebben. Bij een lichte achterover kanteling ontstaat er een betere fixatie van de rug in de stoel. Het nadeel hiervan is dat het zitten nog meer statisch wordt. Persoonlijke voorkeur speelt hierbij een belangrijke rol. De rugleuning is minstens 37 cm. hoog en heeft een bolling die de natuurlijke holte van de lage rug handhaaft. De armsteunen moeten kort en in hoogte verstelbaar zijn zodat de stoel dicht tegen het bureau aangeschoven kan worden.
Het beeldscherm moet recht voor u staan. De hoogte is afhankelijk van uw voorkeur en van de taak die u uitoefent; kijkt u veel op het scherm dan komt bovenkant glas van het beeldscherm overeen met de ooghoogte. Indien u veel op het toetsenbord of werktafel kijkt dan mag het beeldscherm 10 cm. lager staan. Wanneer u veel van blad typt kunt u het best gebruik maken van een documenthouder. De afstand van de ogen tot het beeldscherm is afhankelijk van de beeldschermgrootte en uw voorkeur; Bij een 15 inch beeldscherm bedraagt de afstand minstens 50 cm.; bij een 17 inch scherm minstens 70 cm. en bij een 21 inch scherm minstens 85 cm. Dit heeft consequenties voor de diepte van het bureau. Stel het beeldscherm in op donkere tekens op een lichte achtergrond. Dit is rustiger voor uw ogen.
Het is belangrijk dat u de tekens scherp kunt zien vanuit de gecorrigeerde houding.
Let erop dat er zo min mogelijk reflectie op het scherm waarneembaar is van daglicht, verlichting en witte objecten (kasten); dit geeft spiegelhinder en contrastverlies. Plaats het beeldscherm haaks op het raam en op minstens 2 meter afstand. Maak gebruik van instelbare helderheidwering. Om reflectie van lichtbronnen te voorkomen kunt u het beeldscherm meer parallel aan de lichtbron plaatsen, de verlichtingsarmaturen afschermen en/of gebruik maken van indirect licht. De reflectie op het beeldscherm is te zien als deze uit staat. Door het beeldscherm te verplaatsen ervaart u de toe- of afname van reflectie. Eventueel kunt u gebruik maken van beeldafscherming.

Werkhouding
Ga voor de stoel staan met de achterzijde van de benen tegen zitting; de lengte van het onderbeen komt overeen met de juiste zithoogte. Kleinere mensen kunnen gebruik maken van een voetenbank. Pak de armleuningen vast en glij met het zitvlak via de rugleuning naar de zitting van de stoel. Op deze wijze zit u goed achter in de stoel met een gestrekte wervelkolom. De gestrekte houding begint bij de lage rug! Sta minstens ieder kwartier op en ga op de juiste wijze weer zitten. Om uw zithouding af te wisselen is het nuttig om regelmatig los van de rugleuning te gaan zitten met een gestrekte wervelkolom. Ga niet geforceerd rechtop zitten maar probeer de lage rug wat te ontspannen door licht tegen de bolling van de rugleuning te duwen.
De heup- en kniehoek bedraagt minstens 90 graden. Op deze manier kunt u de strekking van de wervelkolom handhaven.
De voeten steunen plat op de grond of op een voetenbank. Door met de voeten krachtig in de grond te drukken vergroot u de strekking in de wervelkolom. Dit is een oefening die u meerdere malen per uur kunt uitvoeren.
De schouders zijn ontspannen; probeer dit te ervaren. De onderarmen zijn horizontaal en steunen op de armsteunen (evt. werkblad). Zo wordt het gewicht van de armen door de armsteunen overgenomen wat ontspanning in de schouderspieren tot gevolg heeft. De polsen en vingers zijn ontspannen d.w.z. ze staan in een licht gebogen stand. Uw werkblad moet zo hoog zijn dat u de bovenbeschreven houding kunt innemen. Indien dit niet het geval is moet de werkplek op u afgesteld worden; kleine mensen kunnen de stoel op de gewenste hoogte instellen en een voetenbankje nemen, grote mensen zullen het werkblad moeten ophogen. Als u voornamelijk beeldschermwerk verricht wordt het werkblad i.h.a. 3-4 cm. (hoogte toetsenbord/muis) lager ingesteld dan wanneer u voornamelijk schrijft of vergadert. Ga zo dicht mogelijk tegen het werkblad aanzitten.

Werktechniek
In het algemeen wordt de hoogte van het werkvlak ingesteld op ellebooghoogte als u met ontspannen schouders zit. Dit geldt voor bijv. schrijvende taken.
De werkvlakhoogte is echter afhankelijk van de hoogte van het gereedschap (toetsenbord, menutablet, muis etc.) waarmee gewerkt wordt. Belangrijk is dat de spieren en gewrichten optimaal ontspannen zijn tijdens het uitoefenen van de taak en dat er gewerkt wordt met kleine reikwijdtes (afstand tot het gereedschap).
Voor beeldschermwerkers geldt dat het toetsenbord, het menutablet of de muis bediend moet worden met ontspannen schouders, horizontaal gehouden onderarmen en een licht gebogen stand van polsen en vingers; de werkhoogte wordt bepaald door de hoogte van het gereedschap en niet door de hoogte van het werkblad. Probeer zo min mogelijk alleen vanuit de pols te muizen; maak een soepele beweging vanuit de onderarm en pols (als bij schrijven).
Moet u naast beeldschermwerk bijv. ook veel schrijven dan is een gesplitst werkblad een optie. Het werkvlak mag niet reflecterend zijn. De beenruimte moet voldoende zijn; zowel in hoogte als in diepte.

Pauzes
Gebrek aan voldoende pauzes kan leiden tot onvoldoende herstel van spieren en gewrichten met als gevolg chronische overbelasting van het weefsel. Maak gebruik van de 3 soorten pauzes:
Macropauze: Tijdens de "grote" pauzes de lunch-, koffie- en theepauzes moet men dan ook weggaan van de werkplek om zo de statische houding en de repeterende bewegingen te onderbreken.
Mesopauze: Na 2 uur beeldschermwerk dient men de statische houding die men achter een beeldscherm aanneemt 10 minuten te onderbreken door te pauzeren of andere werkzaamheden te gaan doen. Bij intensieve beeldschermarbeid is het zinvoller elk uur, 5 minuten pauze te nemen.
Micropauze: Pijn in de polsen, armen, nek, schouders en de rug is vaak een gevolg van voortdurende spanning tijdens het werken aan de muis of het toetsenbord. Deze klachten kunnen worden voorkomen door het inlassen van micropauzes. Micropauzes zijn korte herstelperioden waarin spieren kunnen ontspannen en de doorbloeding geoptimaliseerd wordt. Er zijn 2 soorten micropauzes:

1.

het onspannen van de spieren op de momenten dat het even kan. Als u even niet hoeft te typen omdat u van het scherm aan het nalezen bent moet u zowel de schouders, armen en de polsen ontspannen (op de armleuningen en/of het werkbad leggen).

2.

Na ongeveer 30 seconde werken met het toetsenbord of met de muis legt u de handen in de schoot of laat u de armen langs het lichaam hangen. Na 2-3 seconden brengt u de handen terug naar het toetsenbord of de muis en hervat u het werk.

Ter ondersteuning en herinnering kunt u gebruik maken van pauze software

Tips:
Let op uw zithouding; ga regelmatig even staan, lopen en weer goed zitten; let op de juiste instelling van het meubilair; voorkom het langdurig uitvoeren van repeterende bewegingen; voorkom langdurig statische houdingen; wissel regelmatig van taak of neem elk uur 10 min. pauze; houdt de gewrichten zoveel mogelijk in de ontspannen (neutrale) stand, werk met kleine reikwijdtes; let op de 3 pauzes; de spieren van nek, schouder en arm moeten in uw vrije tijd aan andersoortige belasting blootstaat dan op het werk; muis soepel en ontspannen en wissel af en toe van (muis)hand.